Schrikken!

Ik herkende hem bijna niet! Peter Timofeeff presenteerde zojuist het weer zónder bril en zónder snor!

Eigenlijk kon ik hem alleen nog identificeren aan zijn stem en zijn grote lijf in het stijve pak. Ik ben benieuwd wat deze metamorfose met Peters carrière gaat doen. Want hij is toch juist bekend om zijn snor? Op de website van RTL staat ‘ie in ieder geval beschreven als ‘de besnorde presentator’. Ik dacht ook eigenlijk dat hij nooit van z’n hele leven z’n snor zou afscheren, tenminste, dat zei hij laatst op televisie. En nu dit!

Was me dat schrikken… Het staat hem wel trouwens. Hij lijkt een stuk jonger. Er zal wel ontslag gedreigd hebben, ofzo.

Thanx Johan!


Ik ben erg gelukkig! Gisteren kocht ik eindelijk de nieuwe plaat van Johan, een verschrikkelijk fijne band die heerlijke liedjes maakt waar ik erg blij van word! Hier kan je voorproefjes horen. Een paar jaar geleden, toen hun tweede plaat ‘Pergola’ net uit was, heb ik Johan geïnterviewd voor het blaadje van mijn studie. Helaas heeft dat interview de tand des tijds niet overleefd, maar wat voelde ik me stoer, met een backstage-bandje om mijn pols achter de schermen bij 013 in Tilburg! En wat was het leuk!

Ik heb Johan wel tientallen keren zien optreden en wachtte met smart op hun nieuwe plaat. Vijf jaar duurde het, maar gisteren had ik het nieuwe album ‘THX JHN’ dan eindelijk in de hand. Ik kocht er meteen een echte ‘Pergola’ bij, want ik deed het nog steeds met een kopietje en dat kan natuurlijk niet bij een plaat waar je zo vrolijk van word! Uiteindelijk stapte ik met maar liefst vier cd’s de Plato uit, want ik kreeg er niet alleen Johans single ‘Oceans’ bij, maar ook een verzamelalbum van alle bands die verbonden zijn aan Johans label Excelsior. Want Excelsior bestaat 10 jaar en bij een verjaardag horen cadeau’s, nietwaar? Hoera voor Excelsior, dat zoveel leuke, goede en hele fijne bandjes voortbrengt!

Al twee dagen schalt Johan nonstop door mijn speakers en dans ik door mijn kamer. Echt waar. Dat muziek dat met je kan doen, gek hè?

Overigens vind ik ‘Pergola’ beter dan ‘THX JHN’, maar misschien is dat een kwestie van wennen…

And the award goes to…

Ik heb een prijs gewonnen. De prijs voor het Beste Geluid 2006. Dat beste geluid werd gemaakt in het kader van de MultiMediaNewsroom-weken waarover ik op 30 april al eens schreef (en waarvan ik maar geen link kan maken in dit artikel!) en bestond uit een reportage over het persbeleid in Uruzgan van het Ministerie van Defensie, dat overigens écht niet in de haak is, én een live telefonisch interview met oorlogsverslaggever Arnold Karskens, die volgens de overlevering niet te interviewen is. Hij deed het bij mij prima en het leverde me een prachtige medaille op.

Deze medaille is echter niet alleen voor mij, maar ook voor Lieke H. Want als presentator strijk je altijd met de eer, terwijl de producenten het meeste en belangrijkste werk doen. Zo gaat dat toch in de wereld van de media. Raar eigenlijk. Ik had dan weliswaar mijn eigen teksten en vragen bedacht, maar Lieke regelde Arnold en alle info over Uruzgan.

Maar de medaille is ook voor Sjoukje, met wie ik een briljant radioprogramma gemaakt heb. Vanaf dinsdag te beluisteren op www.elementweb.nl, wachtwoord ‘elementair’.

Op het topje van je kunnen

Op het moment dat je, als je even een dagje niks hoeft te doen, alleen nog maar kunt slapen, hangen en gapen, dan weet je dat je vakantie nodig hebt. Niksdoen is heerlijk, maar kost mij op dit moment meer energie dan gewoon hard doorwerken. Da’s toch raar?

Oma (1). Logeren

Ik lig bij oma op zolder in mama’s oude bed. Strak ingestopt, op mijn rug. Ik beweeg niet, want anders gaan de lakens los. En dat mag niet, want ingestopte lakens slapen het allerlekkerst. Oma heeft nog lakens en dekens en een sprei. Thuis heb ik een dekbed. Met Goofy erop.

In het logeerkamertje ruikt het naar het sisal op de vloer. Het ruikt ook een beetje naar stof en naar hout. Op de grote zolder staan de oude spullen van opa en oma. Kasten, stoelen, dozen met papier, oude kleren, en de beugel van oom Thom. Vroeger bestonden er al nekbeugels. Met een rood en geel gestreept bandje. Op de zolder is de lamp aan. Gelukkig.

Ik lig op mijn rug en denk aan mama. Het is fijn bij oma, maar ik wil naar huis. Ik moet huilen en wil naar beneden, naar het grote bed van opa en oma. Maar dan moeten de lakens los. En dat mag niet, want ingestopte lakens slapen het allerlekkerst. Ik hijs mezelf voorzichtig omhoog en kruip uit bed, zonder een kreukje te maken. De koude zoldertrap af, naar beneden. Tussen de deur staat een oude schoen. Zo kan ik altijd opa en oma horen en zij mij. Ik kruip bij oma in bed, in het warme holletje van haar zachte buik en kijk naar de enge beesten en monsters in de gordijnen. Maar ik ben niet bang. Ik voel oma’s zachte vel en hoor het gesnurk van opa en het tikken van de wekker. Daar slaat de kerktoren drie keer. Ik ruik scheerzeep en tandpasta en oma zingt zacht een liedje. Ik hoef niet meer te huilen.

‘s Ochtends is er thee met melk en een beschuit met suiker. Ik krijg nooit beschuit met suiker! Opa eet lammetjespap en luistert naar de radio. In de tuin zingen vogeltjes en ruisen de bomen. In de boom hangt een ballon. Die is van mij. Hij is helemaal naar oma gevlogen en nu heb ik een prijs gewonnen. Oma en ik gaan met het autootje naar de stad, naar het zwembad of de bibliotheek. Er ligt een Maria vol water in de auto en op het dashboard hangt een foto van opa. Denk aan mij.

Als we boodschappen doen bij Ebbers mag ik zeggen wat we eten en ik wil tomatensoep. Met ballen. Oma’s tomatensoep. Achterop de fiets zit ik, met mijn benen in de tassen. Ik houd oma stevig vast. Haar rug is zacht en ruikt naar lief. Ik wil nog steeds een beetje naar huis, maar bij oma is het fijn. Ze duwt me altijd van de stoep en drukt me plat als ze me knuffelt, maar dat is oma.

En toen ging oma zomaar dood. Haar bril op de grond, haar lichaam koud en stijf. Oma was weg en liet mij achter. Met niets dan herinneringen en drie kleine nichtjes om aan te vertellen wie hun oma was. Een lieve, zachte, ronde, zoete oma, met een autootje en pap, met krullen en Pietje Prik, met likkoekjes in de groene trommel, de trolleybus, de grote handdoek met de boot erop en dekens op het bed. En ingestopte lakens. Die niet los mogen, want ingestopte lakens slapen het allerlekkerst.

Een stukje uit de oude doos. Meer oude stukjes te vinden op www.zompmagazine.nl, zoek naar Neeltje

Solliciteren, ik wil solliciteren!

Ik ben bezig met een sollicitatiebrief voor een eventuele stage bij AVRO 1 op de Middag, een radioprogramma op Radio 1. Ik vind het hartstikke moeilijk. Want hoe vertel je waarom je iets graag wilt en waarom je ergens geschikt voor bent, zonder te verzanden in oeverloos geleuter, of, erger nog, gebluf?
Ik ben journalistiek gaan studeren omdat ik graag een verhaal wil vertellen aan de mensen thuis. Omdat ik voor die mensen graag orde wil aanbrengen in de chaos die nieuws kan zijn. Omdat ik ze graag wil overbrengen wat ze zouden moeten weten. En ik ben ook journalistiek gaan studeren ook omdat ik stiekem een beetje beroemd wil worden! Hoewel ik eerlijk moet zeggen dat dat er wel een stuk minder is geworden sinds ik echt radio en tv maak. Het doen is al zo leuk dat dát het doel is geworden, en niet meer het beroemd worden. Da’s alleen maar mooi meegenomen, haha!
Allemaal leuke dingen, maar ik kan dat natuurlijk niet op die manier in een brief zetten. Net als dat ik niet wil roepen dat ik een passie voor radio heb. Ik vind radio geweldig, maar een passie? Lichtelijk overdreven. Ik vind het een fantastisch medium en luister graag en ik vind de stem uit de luidsprekers ook altijd een beetje spannend, ergens, maar passie?

Nou ja, solliciteren is niet mijn hobby. Het voelt een beetje als jezelf aanprijzen en daar hou ik niet van. Ik heb altijd het gevoel dat ik mezelf beter voor moet doen dan ik ben, omdat je altijd moet zorgen dat je brief eruit springt, en je heel duidelijk moet zeggen waarom jij en jij alleen geschikt bent… brrr. Kan ik niet gewoon gevráágd worden?

Kleine oogjes

Ik heb er kleine oogjes van. Ook ik heb gisteren tot diep in de nacht het Ayaan-debat gevolgd. Met mij zo’n anderhalf miljoen Nederlanders, en vanaf 1 uur waren dat er zelfs ook nog 400.000. Sms’jes vlogen heen en weer tussen mij en familie en vrienden. ‘Spannend hè?’, was meestal de strekking. En: ‘Ik geniet, hoewel genieten misschien niet helemaal het juiste woord is in dit geval’. Ik genoot in ieder geval wel van het prachtige debat dat te zien was. En stiekem ook van de misschien-wel-op-handen-zijnde-kabinetscrisis of dan toch in ieder geval het aftreden van Verdonk. Maar nee, niks van dit al.

Rita werd echter stevig in een hoek gedrukt en ik wil de vlag uitsteken voor al die fractievoorzitters, zelfs die van haar eigen partij, die vierkant tegenover haar gingen staan. En voet bij stuk hielden, zelfs om twee uur ‘s nachts. Zich voor de drie microfoons verdrukten om om duidelijkheid te vragen, opmerkingen te plaatsen of kleine dolksteken uit te delen. Maar Rita bleef overeind. Best knap, maar wat mij betreft vrij onwenselijk.

Ik begrijp het ook niet zo goed. Hoe kan Rita binnen twee dagen beslissen dat Ayaan geen Nederlandse is en dat er ook echt geen ruimte is om dat gegeven nog eens extra te bekijken, want regels zijn immer regels en die gelden voor iedereen, om zich vervolgens, na een verhit en pittig debat, wel te kunnen vinden in een zorgvuldige heroverweging van haar constatering, pardon, besluit, of nee, toch constatering?

Ik vond het spannend gisteren. En ook vandaag. Ik vind het een kwestie om niet zomaar over te oordelen, maar om goed over na te denken. Onderstaand citaat uit de spreekpunten van Wouter Bos, die hij gisteren in de tweede termijn uitsprak, geeft daar wat mij betreft de beste voorzet voor:


“Want ik zeg het hier nog maar een keer. Dit is een red-Ayaan-debat geworden en daar doen wij uit overtuiging aan mee, maar het moet uiteindelijk een red-het-vreemdelingenrecht-debat worden. En ook dat zullen we blijven proberen. Het mededogen met Ayaan is vanavond overweldigend en terecht. Maar laten we niet uit het oog verliezen dat in de wrede praktijk van het vreemdelingenbeleid dagelijks mensen geconfronteerd
worden met beslissingen waarbij het gevoel voor verhoudingen en de menselijke maat helemaal zoek is geraakt. Dan gaat het om mensen die geen Kamerlid zijn, die we niet kennen. Die niet in staat zijn om zichzelf zo formidabel te verdedigen als Ayaan. Die minder bekende Nederlanders kennen die zich voor hen op televisie kunnen inzetten. Onze verantwoordelijkheid betreft ook hen. Ik hoop dat u allemaal iets van uw betrokkenheid van vandaag, de komende tijd ook voor hen bewaart.” (www.wouterbos.nl)

Neeltje is etaleuse!






Weer eens wat anders dan filmpjes maken, radio-items draaien of een werkstuk tikken: de etalage van een erotiekzaak inrichten! Terwijl we bezig waren, hobbelden er ondertussen vieze mannen, normale mannen, jonge mannen, oude mannen en ook zelfs een echtpaar binnen. Eén meneer gebruikte zijn lunchpauze om zich eens even lekker af (pardon, ik bedoel natuurlijk ‘terug’) te trekken in het bioscoopje. Brrr. Maar het is wel mooi geworden, toch?

Nationale Open Deuren Dag


Twee weken geleden was ik in Brussel, voor een seminar van het European Journalism Center. Ik heb alles gezien en ben overal geweest: bij de Europese Commissie, het Europees Parlement en de Raad van Europa, maar ik heb nergens zo om gelachen als om de plakletters op dit gebouw!

Het was blijkbaar in Brussel de Dag van de Open Deuren! Ha! Wat betekent dat dan? Dat alle Europarlementariërs bij elkaar in open doel mogen schieten? Dat de Spanjaarden aan de Nederlanders mogen vragen of zij echt op klompen lopen? Of de Nederlanders aan de Duitsers of zij wereldkampioen voetbal worden? Is het de dag van de clichés? Of de dag van de openheid?

Ik vond het reuze grappig.